Meer dan 170 miljoen…

In het regeerakkoord wordt 170 miljoen vrijgemaakt voor preventie. Met name voor het tegengaan van roken en overgewicht. Iets waar ik alleen maar voor kan zijn. Maar veel andere preventie opgaven en mogelijkheden worden niet belicht, terwijl er, met bestaande middelen, echt veel maatschappelijke schade en kwetsbaarheid voorkomen kan worden. Regelmatig erger ik me, veelvuldig verwonder ik me. Te vaak heb ik gezien dat ernstige maatschappelijke schade bij kwetsbare kinderen voorkomen had kunnen worden, maar dat dat niet leidt tot veranderingen in de dagelijkse praktijk. Geërgerd zie ik dat er bij de inkoop van jeugdhulp niets met de ervaringskennis gedaan wordt. Ook bij goed bedoelde intenties tot samenwerking binnen de zorg zie ik die preventie benadering niet of nauwelijks terugkomen. Het besef dat het anders kan, dat er veel voorkomen kan worden, is er, maar in praktijk wordt er te weinig mee gedaan. Als we echt werk willen maken van preventie, dan vraagt dat meer dan om die uiteraard zeer welkome 170 miljoen beschikbaar te stellen voor het tegengaan van roken en overgewicht. Weliswaar een eerste aanzet tot een preventie mindset, het is nu maar een stukje van iets wat in een veel breder verband gebracht kan worden als indicator voor andere (toekomstige) problemen. Daar bijtijds op anticiperen maakt de zorg gelijk betaalbaarder en de samenleving uiteindelijk gezonder.

Pleidooi voor een preventie mindset

Beperk de preventie aanpak niet tot preventie van roken en overgewicht alleen, zoals de staatssecretaris ook graag zou willen. Wat zou er gebeuren als we op alle beleidsterreinen een preventie mindset en focus ontwikkelen? Het zou tot ander beleid leiden, tot andere instrumenten, tot andere samenwerkingsverbanden en tot andere uitkomsten op veel terreinen.

Ik liet ooit onderzoek doen naar verslaafde recidiverende reclassenten. Uit dat onderzoek bleek dat in de meeste gevallen de problemen al op 12 jarige leeftijd waren begonnen, maar pas vaak op volwassen leeftijd echt begrepen werden. Ook bleek dat veel van de indicaties dat het mis kon gaan wel werden opgepikt, maar nimmer tot een integrale aanpak hadden geleid. De gezinnen waren ook al vaak in beeld bij de hulpverlening.

Natuurlijk is niet alle maatschappelijke ontsporing te voorkomen. Ook dat is mij wel duidelijk geworden gedurende mijn tijd dat ik werkzaam was binnen de forensische zorg. Maar er is zo veel meer te bereiken! Ik pleit voor een preventie agenda voor de meest kwetsbare mensen in onze samenleving, of zij nu roken, overgewicht hebben, meer dan een gezonde hoeveelheid alcohol consumeren of niet. De intergenerationele overdracht van psychische kwetsbaarheid, verslaving en werkloosheid is groot. Roken of overgewicht blijken vaak ook andere indicatoren te zijn voor andere risico’s. Een aanpak gericht op het doorbreken van verkokerde aanpak zou de hoogste prioriteit van dit kabinet, van gemeenten, van verzekeraars, van zorg en welzijnspartijen moeten zijn. Veel kwetsbare gezinnen hebben stevige problemen. Ze worden geholpen als het uit de hand gelopen is en dan lopen ze vaak ook nog vast in de wirwar van het voor hen ingewikkelde veld van publieke hulpverlening. Dat kan echt anders. Zoals hier en daar ook gebeurd en waar bewezen wordt dat het veel beter kan. Het vroegtijdig succesvol interveniëren blijkt echt te werken. Laat nou die 170 miljoen als extra duwtje in de goede richting fungeren!

Vermenigvuldigen

Ik daag alle partijen dan ook uit: Gebruik de kennis die we hebben en zorg dat er voorkomen gaat worden aan de bron waar we het dagelijks mis zien gaan. Dan moeten we wel de preventie bril opzetten om echt te ”zien” dat het misgaat! Het begint bij de wil om echt werk te maken van preventie. Er is geen blauwdruk klaar, maar er is wel veel kennis voor handen en expertise die tot een effectieve toepassing van preventie in de praktijk zal kunnen en moeten leiden.

Het Preventie Collectief is opgericht (deels uit de eerdergenoemde ergernis) omdat dit de tijd is waar in andere (nieuwe) werkwijzen dwars door alle “kokers” heen mogelijk is. Wij begeleiden bij het ontwikkelen, implementeren of evalueren van integrale preventie werkwijzen en zijn de onafhankelijke partij die als aanjager en gangmaker fungeert. Dat doen we met inhoudelijke bevlogenheid en met gebruikmaking van een netwerk van partners op velerlei terrein.

Belangrijk bij:

  1. Werk lokaal en bepaal de opgave

Elke gemeente kent haar eigen prioriteitsopgaven. Stel deze vast en vorm een coalitie van veranderaars. Laat de verslavingszorg zich niet alleen op preventie van verslaving richten en de schulddienstverlening zich niet alleenop de preventie van schulden richten. Verbindt de vraagstukken aan elkaar en werk vanuit de leefwereld van mensen.

  1. Maak verbindingen dwars door organisaties heen

Geen enkele organisatie is meer in staat zelf voldoende oplossingen voor de complexe maatschappelijke opgaven te vinden. De huisarts, POH GGZ, het welzijnswerk, de sociale wijkteams, specialistische GGZ, werk en inkomen, etc. zijn allemaal nodig. Betrek hen dus in een gemeenschappelijke aanpak op lokaal niveau op basis van de lokale omstandigheden. “Lokaal” kan ook betekenen een gespecialiseerde afdeling van een organisatie, die op grond van hun ervaring weet waar het in een vroeg stadium vaak misgaat om op grond daarvan tot andere (samenwerkings-)aanpakken te komen.

  1. Werk met een gezamenlijk platform

Samenwerken klinkt mooi, maar is in de praktijk vaak moeilijk en komt lang niet altijd succesvol van de grond. Zet daarom een onafhankelijke partij in als gangmaker en aanjager. Een aanjager die werkt aan een gezamenlijk platform, waar ook andere partijen als het bedrijfsleven op kunnen aanhaken. Om juist nieuwe coalities te zoeken en vitale samenwerking te organiseren.

  1. Begin klein en voorkom grote problemen

Neem een opgave in een wijk, gebied als vertrekpunt. Zet snel de eerste stappen op weg naar een meer uitgebreidere aanpak. Monitor, evalueer en durf te leren. Vier ook successen met elkaar en bouw de aanpak geleidelijk aan uit met het oog op duurzame resultaten en samenwerkingsverbanden. Vergeet daarbij de “klanten”: zelf niet te betrekken als het gaat om evalueren en leren wat wel werkt en wat beter kan.

Laat dit budget het startpunt zijn voor effectief preventief werken. Achteraf de vaak onnodige schade herstellen, kost de maatschappij niet alleen heel veel, maar is vooral niet langer te verantwoorden naar “de slachtoffers”.